STOWATERINFOOTJES
WATER
Jaarverslag 2025 verschenen
Onlangs verscheen het (online) jaarverslag 2025 van STOWA. In het jaarverslag krijgt u een overzicht van de belangrijkste activiteiten en resultaten van het afgelopen jaar. Ook vindt u er de belangrijkste (wapen)feiten en cijfers van de organisatie.
Voor directeur Mark van der Werf was 2025 het eerste volledige jaar waarin hij directeur was van STOWA. Het was naar zijn zeggen een intensief jaar. “We waren bezig met het uitzetten van de koers voor de komende jaren via de nieuwe strategienota. We werkten verder aan een grote hoeveelheid zeer uiteenlopende waterdossiers. Daarbovenop was er een breed palet aan organisatorische opgaven.” Hij noemt daarbij onder meer de overstap van pensioenfonds, het op orde brengen van contracten (met name in het kader van de Wet DBA) en de interne verhuizing van het kantoor (van de vierde naar de derde etage).
Van der Werf benadrukt in het jaarverslag de grote betrokkenheid en inzet van het gehele STOWA-team: “Op vrijwel alle werkterreinen speelde er van alles tegelijk. Met elkaar draaiden we meer dan vierhonderd projecten. Ondertussen hadden we te maken met personele wisselingen en persoonlijke omstandigheden. Desondanks heeft STOWA geleverd. We hebben onze positie in het waterkennisveld verder versterkt. Er werden bijna vijftig onderzoeksrapporten afgerond en we organiseerden tachtig bijeenkomsten en kennissessies voor waterbeheerders.”
Redeneerlijn helpt bij aanwijzen, inrichten en inzetten waterbergingsgebieden
Waterbergingsgebieden zijn nodig om maatschappelijke ontwrichting en schade door wateroverlast zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. De redeneerlijn waterbergingsgebieden van STOWA biedt een stappenplan om deze gebieden aan te wijzen, in te richten en in te zetten. Bij de redeneerlijn zijn ook twee flowcharts verschenen – voor vrijafwaterende en peilgestuurde gebieden – die de gebruiker helpen bij het maken van de keuzes.
Door de toenemende kans op extreme neerslaggebeurtenissen en de toenemende druk van verstedelijking groeit de noodzaak om gebieden aan te wijzen en in te richten als waterberging. Het sluit aan bij één van de structurerende keuzes van het concept ‘water en bodem sturend’, namelijk het vrijhouden van gebieden voor waterberging (5 tot 10% laagste delen vrijhouden van bebouwing). Ook in de dialoog over het voorkomen of beperken van maatschappelijke ontwrichting in het kader van de bovenregionale stresstesten, komt het aanwijzen en inrichten van gebieden voor waterberging naar voren.
Bij het aanwijzen, inrichten en juridisch borgen spelen dilemma’s en keuzes. Dit vraagt om een systematische en navolgbare werkwijze van waterbeheerders. De redeneerlijn ondersteunt waterbeheerders stap voor stap bij het komen tot navolgbare en bewuste keuzes. De redeneerlijn maakt hierbij onderscheid in peilgestuurde en vrij-afwaterende watersystemen.
Eva Meijering coördinator Bedrijfsvoering bij STOWA
STOWA heeft onlangs versterking gekregen van een nieuwe vaste medewerker. Eva Meijering gaat zich bezighouden met het verbeteren en stroomlijnen van de bedrijfsvoering van de stichting. “Mijn belangrijkste drijfveer is: hoe kan ik ervoor zorgen dat ik het werk van mijn nieuwe collega’s leuker en eenvoudiger maak.”
Eva Meijering heeft in haar leven een schat aan ervaring opgedaan in de juridische wereld en het HR-management. Die komt haar goed van pas in haar nieuwe functie bij STOWA. “Ik ben een echte generalist. Ik weet van de meeste zaken die betrekking hebben op bedrijfsvoering, het nodige af. Voor een kleine organisatie als STOWA (zonder een aparte afdeling Bedrijfsvoering, red.) is dat natuurlijk heel fijn.” Eva gaat zich bij STOWA de komende tijd onder meer bezighouden met inkoop, aanbesteding en contractmanagement. Maar ook met het uniformer gebruik van ondersteunende systemen. “Dat zijn zaken waar de medewerkers vooral behoefte aan hebben, bleek bij de gesprekken die ik met ze heb gevoerd.”
Eva is naast haar werk vaak te vinden in de keuken, waar ze graag voor vrienden kookt. Portugal is naast koken een andere grote liefde van haar. Vorig jaar kocht ze, net als haar ouders dertig jaar eerder, zelfs een huisje in Portugal. Op dit moment zijn ze nog druk bezig het huisje op te knappen en in te richten. Maar, zegt ze: “Er staat al een grote tafel waaraan we met vrienden heerlijk kunnen eten.”
Project Ecologische Beoordeling 2.0 nadert einde
Eind 2025 werd de bètaversie opgeleverd van de EBEO2.0-tool. De tool ondersteunt waterbeheerders bij het uitvoeren van een beoordeling van de ecologische waterkwaliteit aan de hand van aanwezige soorten en hun milieu- en habitatvoorkeuren. Begin 2026 organiseerde STOWA drie werksessies met (mogelijke) gebruikers. Hun feedback wordt verwerkt in een definitieve versie die wordt gepresenteerd op een speciaal symposium, op 26 mei aanstaande.
Ecologische Beoordeling 2.0 (EBEO 2.0) en de ecologische sleutelfactoren (ESF’s) vormen goed op elkaar aansluitende gereedschappen voor een toestandsbepaling en diagnose van de ecologische waterkwaliteit. Samen geven ze uitstekende handvatten voor het nemen van de juiste verbetermaatregelen. Waar de ESF’s de waterkwaliteit beoordelen op basis van belangrijke niet-levende (abiotische) milieufactoren, kijkt Ecologische Beoordeling 2.0 (EBEO) juist naar de levende organismen (en hun milieu- en habitatkenmerken) die ergens aan- of afwezig zijn. In stromend water verwacht je bijvoorbeeld andere soorten dan in stilstaande wateren. Veerle Tuijnman (ESF2.0-projectteam): “Als het goed is leveren de twee analysemethoden hetzelfde beeld op van de ecologische waterkwaliteit.” Klopt dat niet, dan heb je iets uit te pluizen.
De drie werksessies over EBEO werden bezocht door zo’n 75 belangstellenden. STOWA en ontwikkelaar WenR gaven vooraf wat meer context bij het nieuwe instrument. EBEO vervangt niet de kennis van waterkwaliteitsbeheerders, maar is bedoeld als hulpmiddel bij watersysteemanalyses. Die kunnen EBEO – eventueel samen met de ESF’s – inzetten om bijvoorbeeld hun vermoedens over de ecologische toestand van een watersysteem bevestigd te zien, of juist niet. Hoe dat precies in zijn werk ging, werd tijdens de daadwerkelijke werksessie duidelijk. Dat leverde de enthousiaste reacties op. Naar aanleiding van de feedback volgt nog een kleine update van het instrument. Die zal met name gericht zijn op de gebruiksvriendelijkheid, zo is de verwachting.
Het is de bedoeling dat de eerste versie wordt gelanceerd op het EBEO- en ESF-symposium ‘Waterkwaliteitspuzzel: inzicht door systeemanalyse’, op 26 mei van dit jaar.
Programma Professioneel Afvalwatertransport goed op weg
Het is druk onder de grond, met leidingen, buizen, kabels en andere voorzieningen. Het is zaak conflicten met bestaande leidingnetten te voorkomen. Maar ook om via goede inspecties incidenten met verouderde persleidingen voor te zijn. Het Programma Professioneel Afvalwatertransport (PAT), dat de afgelopen jaren goed op stoom kwam, zorgt voor betere oplossingen voor knelpunten rondom persleidingen, met behulp van betere data, betere analyses en slimme tools. Want goed en veilig afvalwatertransport is urgent en actueel.
Weten waar je leiding ligt, klinkt eenvoudiger dan het is. In de praktijk liggen leidingen vaak elders of anders dan vooraf werd gedacht of geregistreerd. Of ze liggen op plaatsen waar dat zorgt voor risico’s. Bij aanvang van het PAT-project ‘Data op Orde & Informatievoorziening’ was sprake van zo’n 1000 panden op persleidingen. Verder onderzoek heeft uitgewezen dat het aantal kwetsbare plekken nog fors hoger ligt, meer dan 1500. Dit soort informatie helpt bij het opstellen van een stappenplan om bebouwing op een leiding te voorkomen en de risico’s en eventuele aanpak van de bebouwing te beoordelen. Dit gebeurt in het PAT-project 'Tracé-integriteit'. Maar PAT kijkt verder: de analyse van kritische kruisingen met transportleidingen is uitgebreid en bevat nu onder andere het TenneT-hoogspanningsnet.
Ook voor onderzoek naar de staat van leidingen komen steeds meer data beschikbaar. Het project ‘Data op Orde & Informatievoorziening’ zorgde ervoor dat het onderzoek naar H2S-aantasting van transportleidingen inmiddels gebruik kan maken van landelijke data. Die kunnen ook worden ingezet om uit te rekenen wat de vervangingskosten zijn. Dat resultaat steunt op de intensieve samenwerking van de betrokken partijen die hun data ontsluiten en delen via het Gegevensknooppunt Waterschappen (GkW). De GkW-kaarten die de waterketen in beeld brengen, worden voortdurend verrijkt met nieuwe gegevens.
Data en analyses vervullen steeds meer een centrale rol in het PAT-programma en leveren belangrijke input voor deelprojecten op, zoals 'Incidentenregistratie', ‘Inspectietechnieken’ en 'Tracé-integriteit'. Door de samenwerking met collega's van het Waterschapshuis zijn de data over objecten en hun eigenschappen direct uit GkW te benutten, waardoor we steeds meer uitgebreide analyses kunnen uitvoeren voor het leidingbeheer. Over extra gegevensverzamelingen en onderzoek (bijvoorbeeld naar bomen en zetting) lopen gesprekken met projectpartners. Uiteindelijk gaan de resultaten van PAT nu en in de toekomst datagedreven handvatten bieden voor beheer.
Het Programma Professioneel Afvalwatertransport (PAT) is een samenwerking van STOWA, Stichting RIONED, Het Waterschapshuis (HWH) en Deltares.
KRW-vereisten meenemen in waterschapsverordening: hoe doe je dat?
Wil je een steiger plaatsen in de sloot achter je huis, of een oeverbeschoeiing aanleggen? Dan krijg je al snel te maken met de waterschapsverordening (vh. de Keur). Die bepaalt welke activiteiten waar mogen plaatsvinden, onder welke voorwaarden. Waterschappen kijken daarbij tot dusver vooral naar de waterkwantiteit. Het meenemen van vereisten vanuit de KRW – geen achteruitgang van de ecologische waterkwaliteit – ontbreekt nog vaak. Het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden is een project gestart om daar verandering in te brengen. De leidraad Toetsing waterkwaliteit van STOWA komt daarbij goed van pas.
HDSR gaat de regels in de waterschapsverordening over activiteiten in oppervlaktewaterlichamen met het oog op de KRW herzien, te beginnen met steigers, duikers, dammen en oeverbeschoeiingen. Voor deze activiteiten wordt eerst een ecologische analyse gemaakt. Die wordt vervolgens vertaald naar regels. Deze worden zo geformuleerd dat ze goed toepasbaar zijn in de praktijk. De basis voor de ecologische analyse vormt het door STOWA ontwikkelde Toetsingskader Waterkwaliteit Regionale Wateren. In dit traject blijkt de Exceltool kennisdocument toetsingskader een waardevol hulpmiddel te zijn. Deze tool dwingt tot een gestructureerde en navolgbare beoordeling per activiteit en maakt inzichtelijk welke effecten daadwerkelijk relevant zijn voor de waterkwaliteit en KRW-doelen, onderbouwd met bronnen.
STOWATERINFOOTJES
Jaarverslag 2025 verschenen
Redeneerlijn helpt bij aanwijzen, inrichten en inzetten waterbergingsgebieden
Eva Meijering coördinator Bedrijfsvoering bij STOWA
Project Ecologische Beoordeling 2.0 nadert einde
Programma Professioneel Afvalwatertransport goed op weg
KRW-vereisten meenemen in waterschapsverordening: hoe doe je dat?
WATER
AI-zoekassistent voor doorzoeken eigen publicaties
Onlangs verscheen het (online) jaarverslag 2025 van STOWA. In het jaarverslag krijgt u een overzicht van de belangrijkste activiteiten en resultaten van het afgelopen jaar. Ook vindt u er de belangrijkste (wapen)feiten en cijfers van de organisatie.
Voor directeur Mark van der Werf was 2025 het eerste volledige jaar waarin hij directeur was van STOWA. Het was naar zijn zeggen een intensief jaar. “We waren bezig met het uitzetten van de koers voor de komende jaren via de nieuwe strategienota. We werkten verder aan een grote hoeveelheid zeer uiteenlopende waterdossiers. Daarbovenop was er een breed palet aan organisatorische opgaven.” Hij noemt daarbij onder meer de overstap van pensioenfonds, het op orde brengen van contracten (met name in het kader van de Wet DBA) en de interne verhuizing van het kantoor (van de vierde naar de derde etage).
Van der Werf benadrukt in het jaarverslag de grote betrokkenheid en inzet van het gehele STOWA-team: “Op vrijwel alle werkterreinen speelde er van alles tegelijk. Met elkaar draaiden we meer dan vierhonderd projecten. Ondertussen hadden we te maken met personele wisselingen en persoonlijke omstandigheden. Desondanks heeft STOWA geleverd. We hebben onze positie in het waterkennisveld verder versterkt. Er werden bijna vijftig onderzoeksrapporten afgerond en we organiseerden tachtig bijeenkomsten en kennissessies voor waterbeheerders.”
Redeneerlijn helpt bij aanwijzen, inrichten en inzetten waterbergingsgebieden
Waterbergingsgebieden zijn nodig om maatschappelijke ontwrichting en schade door wateroverlast zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. De redeneerlijn waterbergingsgebieden van STOWA biedt een stappenplan om deze gebieden aan te wijzen, in te richten en in te zetten. Bij de redeneerlijn zijn ook twee flowcharts verschenen – voor vrijafwaterende en peilgestuurde gebieden – die de gebruiker helpen bij het maken van de keuzes.
Door de toenemende kans op extreme neerslaggebeurtenissen en de toenemende druk van verstedelijking groeit de noodzaak om gebieden aan te wijzen en in te richten als waterberging. Het sluit aan bij één van de structurerende keuzes van het concept ‘water en bodem sturend’, namelijk het vrijhouden van gebieden voor waterberging (5 tot 10% laagste delen vrijhouden van bebouwing). Ook in de dialoog over het voorkomen of beperken van maatschappelijke ontwrichting in het kader van de bovenregionale stresstesten, komt het aanwijzen en inrichten van gebieden voor waterberging naar voren.
Bij het aanwijzen, inrichten en juridisch borgen spelen dilemma’s en keuzes. Dit vraagt om een systematische en navolgbare werkwijze van waterbeheerders. De redeneerlijn ondersteunt waterbeheerders stap voor stap bij het komen tot navolgbare en bewuste keuzes. De redeneerlijn maakt hierbij onderscheid in peilgestuurde en vrij-afwaterende watersystemen.
SandTracer: monitoren van duindynamiek met satellietdata en AI
STOWA heeft onlangs versterking gekregen van een nieuwe vaste medewerker. Eva Meijering gaat zich bezighouden met het verbeteren en stroomlijnen van de bedrijfsvoering van de stichting. “Mijn belangrijkste drijfveer is: hoe kan ik ervoor zorgen dat ik het werk van mijn nieuwe collega’s leuker en eenvoudiger maak.”
Eva Meijering heeft in haar leven een schat aan ervaring opgedaan in de juridische wereld en het HR-management. Die komt haar goed van pas in haar nieuwe functie bij STOWA. “Ik ben een echte generalist. Ik weet van de meeste zaken die betrekking hebben op bedrijfsvoering, het nodige af. Voor een kleine organisatie als STOWA (zonder een aparte afdeling Bedrijfsvoering, red.) is dat natuurlijk heel fijn.” Eva gaat zich bij STOWA de komende tijd onder meer bezighouden met inkoop, aanbesteding en contractmanagement. Maar ook met het uniformer gebruik van ondersteunende systemen. “Dat zijn zaken waar de medewerkers vooral behoefte aan hebben, bleek bij de gesprekken die ik met ze heb gevoerd.”
Eva is naast haar werk vaak te vinden in de keuken, waar ze graag voor vrienden kookt. Portugal is naast koken een andere grote liefde van haar. Vorig jaar kocht ze, net als haar ouders dertig jaar eerder, zelfs een huisje in Portugal. Op dit moment zijn ze nog druk bezig het huisje op te knappen en in te richten. Maar, zegt ze: “Er staat al een grote tafel waaraan we met vrienden heerlijk kunnen eten.”
Project Ecologische Beoordeling 2.0 nadert einde
Eind 2025 werd de bètaversie opgeleverd van de EBEO2.0-tool. De tool ondersteunt waterbeheerders bij het uitvoeren van een beoordeling van de ecologische waterkwaliteit aan de hand van aanwezige soorten en hun milieu- en habitatvoorkeuren. Begin 2026 organiseerde STOWA drie werksessies met (mogelijke) gebruikers. Hun feedback wordt verwerkt in een definitieve versie die wordt gepresenteerd op een speciaal symposium, op 26 mei aanstaande.
Ecologische Beoordeling 2.0 (EBEO 2.0) en de ecologische sleutelfactoren (ESF’s) vormen goed op elkaar aansluitende gereedschappen voor een toestandsbepaling en diagnose van de ecologische waterkwaliteit. Samen geven ze uitstekende handvatten voor het nemen van de juiste verbetermaatregelen. Waar de ESF’s de waterkwaliteit beoordelen op basis van belangrijke niet-levende (abiotische) milieufactoren, kijkt Ecologische Beoordeling 2.0 (EBEO) juist naar de levende organismen (en hun milieu- en habitatkenmerken) die ergens aan- of afwezig zijn. In stromend water verwacht je bijvoorbeeld andere soorten dan in stilstaande wateren. Veerle Tuijnman (ESF2.0-projectteam): “Als het goed is leveren de twee analysemethoden hetzelfde beeld op van de ecologische waterkwaliteit.” Klopt dat niet, dan heb je iets uit te pluizen.
De drie werksessies over EBEO werden bezocht door zo’n 75 belangstellenden. STOWA en ontwikkelaar WenR gaven vooraf wat meer context bij het nieuwe instrument. EBEO vervangt niet de kennis van waterkwaliteitsbeheerders, maar is bedoeld als hulpmiddel bij watersysteemanalyses. Die kunnen EBEO – eventueel samen met de ESF’s – inzetten om bijvoorbeeld hun vermoedens over de ecologische toestand van een watersysteem bevestigd te zien, of juist niet. Hoe dat precies in zijn werk ging, werd tijdens de daadwerkelijke werksessie duidelijk. Dat leverde de enthousiaste reacties op. Naar aanleiding van de feedback volgt nog een kleine update van het instrument. Die zal met name gericht zijn op de gebruiksvriendelijkheid, zo is de verwachting.
Het is de bedoeling dat de eerste versie wordt gelanceerd op het EBEO- en ESF-symposium ‘Waterkwaliteitspuzzel: inzicht door systeemanalyse’, op 26 mei van dit jaar.
Programma Professioneel Afvalwatertransport goed op weg
Het is druk onder de grond, met leidingen, buizen, kabels en andere voorzieningen. Het is zaak conflicten met bestaande leidingnetten te voorkomen. Maar ook om via goede inspecties incidenten met verouderde persleidingen voor te zijn. Het Programma Professioneel Afvalwatertransport (PAT), dat de afgelopen jaren goed op stoom kwam, zorgt voor betere oplossingen voor knelpunten rondom persleidingen, met behulp van betere data, betere analyses en slimme tools. Want goed en veilig afvalwatertransport is urgent en actueel.
Weten waar je leiding ligt, klinkt eenvoudiger dan het is. In de praktijk liggen leidingen vaak elders of anders dan vooraf werd gedacht of geregistreerd. Of ze liggen op plaatsen waar dat zorgt voor risico’s. Bij aanvang van het PAT-project ‘Data op Orde & Informatievoorziening’ was sprake van zo’n 1000 panden op persleidingen. Verder onderzoek heeft uitgewezen dat het aantal kwetsbare plekken nog fors hoger ligt, meer dan 1500. Dit soort informatie helpt bij het opstellen van een stappenplan om bebouwing op een leiding te voorkomen en de risico’s en eventuele aanpak van de bebouwing te beoordelen. Dit gebeurt in het PAT-project 'Tracé-integriteit'. Maar PAT kijkt verder: de analyse van kritische kruisingen met transportleidingen is uitgebreid en bevat nu onder andere het TenneT-hoogspanningsnet.
Ook voor onderzoek naar de staat van leidingen komen steeds meer data beschikbaar. Het project ‘Data op Orde & Informatievoorziening’ zorgde ervoor dat het onderzoek naar H2S-aantasting van transportleidingen inmiddels gebruik kan maken van landelijke data. Die kunnen ook worden ingezet om uit te rekenen wat de vervangingskosten zijn. Dat resultaat steunt op de intensieve samenwerking van de betrokken partijen die hun data ontsluiten en delen via het Gegevensknooppunt Waterschappen (GkW). De GkW-kaarten die de waterketen in beeld brengen, worden voortdurend verrijkt met nieuwe gegevens.
Data en analyses vervullen steeds meer een centrale rol in het PAT-programma en leveren belangrijke input voor deelprojecten op, zoals 'Incidentenregistratie', ‘Inspectietechnieken’ en 'Tracé-integriteit'. Door de samenwerking met collega's van het Waterschapshuis zijn de data over objecten en hun eigenschappen direct uit GkW te benutten, waardoor we steeds meer uitgebreide analyses kunnen uitvoeren voor het leidingbeheer. Over extra gegevensverzamelingen en onderzoek (bijvoorbeeld naar bomen en zetting) lopen gesprekken met projectpartners. Uiteindelijk gaan de resultaten van PAT nu en in de toekomst datagedreven handvatten bieden voor beheer.
Het Programma Professioneel Afvalwatertransport (PAT) is een samenwerking van STOWA, Stichting RIONED, Het Waterschapshuis (HWH) en Deltares.
KRW-vereisten meenemen in waterschapsverordening: hoe doe je dat?
Wil je een steiger plaatsen in de sloot achter je huis, of een oeverbeschoeiing aanleggen? Dan krijg je al snel te maken met de waterschapsverordening (vh. de Keur). Die bepaalt welke activiteiten waar mogen plaatsvinden, onder welke voorwaarden. Waterschappen kijken daarbij tot dusver vooral naar de waterkwantiteit. Het meenemen van vereisten vanuit de KRW – geen achteruitgang van de ecologische waterkwaliteit – ontbreekt nog vaak. Het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden is een project gestart om daar verandering in te brengen. De leidraad Toetsing waterkwaliteit van STOWA komt daarbij goed van pas.
HDSR gaat de regels in de waterschapsverordening over activiteiten in oppervlaktewaterlichamen met het oog op de KRW herzien, te beginnen met steigers, duikers, dammen en oeverbeschoeiingen. Voor deze activiteiten wordt eerst een ecologische analyse gemaakt. Die wordt vervolgens vertaald naar regels. Deze worden zo geformuleerd dat ze goed toepasbaar zijn in de praktijk. De basis voor de ecologische analyse vormt het door STOWA ontwikkelde Toetsingskader Waterkwaliteit Regionale Wateren. In dit traject blijkt de Exceltool kennisdocument toetsingskader een waardevol hulpmiddel te zijn. Deze tool dwingt tot een gestructureerde en navolgbare beoordeling per activiteit en maakt inzichtelijk welke effecten daadwerkelijk relevant zijn voor de waterkwaliteit en KRW-doelen, onderbouwd met bronnen.