Deze publicatie maakt gebruik van cookies

We gebruiken functionele en analytische cookies om onze website te verbeteren. Daarnaast plaatsen derde partijen tracking cookies om gepersonaliseerde advertenties op social media weer te geven. Door op accepteren te klikken gaat u akkoord met het plaatsen van deze cookies.

Hoe bouw je een crisisorganisatie op?

Eind 2023 stond Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden weken achter elkaar in crisisstand. Meer dan 150 medewerkers waren druk met crisisover­leggen, inspecties van de Lekdijk en het aanbrengen van noodmaatregelen. Achteraf bleek de noodsituatie eerder op een marathon dan een sprint. Maar dat was van tevoren niet voorzien. Waterschappen in Nederland oefenen zelden op crises die weken aanhouden, of op de vermoeidheid die daarbij komt kijken. Crisiscoördinator Marian Booltink (HDSR) en strategisch adviseur Chris van Duuren (Unie van Waterschappen) vertellen over capaciteit, nieuwe dreigingen en de achilleshiel van de Nederlandse crisisbeheersing.

Veel neerslag in Duitsland, een opstuwende westenwind en hoogwater dat dagenlang aanhield. Eind 2023 schaalde Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden op naar crisisstand. Meer dan 150 mensen waren in november en december 2023 en deels in januari 2024 in touw om de Lekdijk te inspecteren op wellen, schades en beverholen. De stabiliteit van de dijk kwam niet in gevaar, maar de waterschappers waren weken achter elkaar druk. “Achteraf realiseerden wij ons dat het een marathon was geweest”, zegt Marian Booltink, crisiscoördinator bij Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR) en thematrekker crisismanagement bij STOWA. “Maar op dat moment zit je er gewoon in en dan regel je wat er geregeld moet worden.”

Oefenen

Het Hoogheemraadschap probeert zich volgens Booltink zo goed mogelijk voor te bereiden. Zo oefent HDSR om het jaar meerdaags met Defensie. En in november 2025 gebeurde dat met het thema hoogwater in het regionale systeem. Tijdens oefening ‘Wolkbreuk’ viel er zogenaamd 200 mm neerslag over het hele beheergebied van HDSR. Het Hoogheemraadschap oefent dan graag samen met andere waterschappen, de Veiligheidsregio Utrecht, Defensie en andere netwerkpartners. De partijen bootsten de situatie na zoals die in 2021 in Zuid-Limburg ontstond, toen daar in korte tijd zoveel neerslag viel dat rivieren als de Geul buiten hun oevers traden en grote schade aanrichtten. Volgens Booltink weet HDSR dat zo’n grote hoeveelheid neerslag ook bij hen kan vallen. “Daarom is oefenen noodzakelijk.”

Crisisbeheersing XL

Waterschappen zijn vanuit de Omgevingswet verplicht om een crisisorga­nisatie op te tuigen, benadrukt Booltink. HDSR traint bijna zeshonderd van de achthonderd medewerkers die een grotere of kleinere rol kunnen spelen in de crisisorganisatie. Binnen HDSR heet dat Crisisbeheersing XL. “Zelfredzaamheid is het doel. En bij een crisis weten de mensen wat ze moeten doen.”
STOWA en de Unie van Waterschappen willen dit jaar samen laten onder­zoeken hoeveel capaciteit er nodig is wanneer een crisis een paar weken aanhoudt. “Hoeveel mensen en middelen zijn er nodig? We weten nu al dat er meer capaciteit noodzakelijk is, maar we willen beter weten waaraan nog behoefte is.”
Booltink ziet dat waterschappen onderling sterk samenwerken. “We proberen van elkaar te leren. De samenwerkingsbereidheid is enorm groot, omdat we allemaal dezelfde druk voelen. Als er in Limburg of elders iets aan de hand is, dan staan wij allemaal klaar om te helpen. Dat zit in ons DNA.”

Nieuwe dreigingen

HDSR probeert zich voor te bereiden op nieuwe dreigingen. Zo werden eerder al tientallen extra ICT’ers aangenomen om cyberaanvallen te pareren. Ook zijn de proces- en kantoorautomatisering van elkaar gescheiden om te voorkomen dat hackers via mailsystemen kunnen binnendringen. Dat geldt volgens haar ook voor andere waterschappen. Een weerbare crisisorganisatie heeft nu hoge prioriteit, stelt Booltink. Op 31 maart 2026 organiseerde het waterschap voor de medewerkers een speciale dag over weerbaarheid. Na presentaties over de urgentie en de veranderende wereld konden ze aan meerdere workshops deelnemen, bijvoorbeeld over hoe te handelen bij stroomuitval. “Dit illustreert hoe urgent wij het vinden om ons op noodsituaties voor te bereiden.  Met de cruciale mensen, de sleutelfunctionarissen in het veld en bij ons op kantoor, hebben we hele strakke afspraken gemaakt”, zegt Booltink. “Als de stroom is uitgevallen, weten de medewerkers die bij ons piketdienst hebben dat ze elke dag om 10.00 en om 15.00 uur op kantoor moeten zijn. Want dan kunnen we samen afspraken maken en onze primaire taken uitvoeren.”
HDSR bracht eveneens de kritieke assets in kaart om ze nog beter te kunnen beveiligen. “We kijken of de poorten en de beveiliging op orde zijn en zorgen dat er een sleutelplan is. Bewustwording, houding en gedrag van onze medewerkers spelen hierbij een cruciale rol.” Zo moeten de medewerkers leren hoe ze moeten handelen als er een drone boven een rwzi wordt gesignaleerd.

Langdurige stroomuitval

De overheid adviseert burgers ervoor te zorgen dat ze zich bij een crisis 72 uur zelf kunnen redden. Booltink benadrukt dat waterschappen dat ook moeten kunnen – en wellicht langer – ook als de stroom uitvalt. “Dat is mijn grootste zorg. Wij moeten het zelf doen en moeten dus weten welke kritieke assets, zoals sluizen, gemalen en inlaten er zijn en waar de noodstroom naartoe moet gaan.” Een verdringingsreeks, zoals bij droogte, zou hierbij volgens haar goed van pas komen.
STOWA zou kunnen laten onderzoeken hoe snel een polder onderloopt als de stroom uitvalt. “Bijvoorbeeld voor een doorsnee gebied met een standaard gemaal. Wij malen gemiddeld 15 mm per dag uit, dus bij een piekbui van 150 mm duurt het tien dagen om het water uit onze polders te malen.”

Symposium ‘Weerbaar tegen wateroverlast’

Op 17 september 2026 organiseert STOWA het symposium Weerbaar tegen wateroverlast, met crisiscoördinator Marian Booltink (HDSR) als één van de sprekers. Hoe bereiden we ons beter voor en welke inzichten helpen de impact daarvan te beperken? Samen gaan we in gesprek over opgaven, oplossingen en de stappen die nodig zijn om Nederland weerbaarder te maken tegen extreme neerslag. Kijk voor meer informatie en aanmelding op Symposium ‘Weerbaar tegen wateroverlast’ | STOWA.

Schaarse expertise

Chris van Duuren, strategisch adviseur crisisbeheersing bij Hoogheem­raad­schap van Schieland en de Krimpener­waard en deels gedetacheerd bij de Unie van Water­schap­pen, stelt dat Nederland nog niet zo goed is in strategisch plannen op capaciteit. “Dat geldt voor het Rijk, voor de veiligheids­regio's en voor ons. Het is de achilleshiel van de Nederlandse crisisbeheersing."

Bij langdurige crises wringt het extra rond schaarse expertise. Een kering­expert, een specialist proces­automa­tisering, een hydroloog met gebieds­kennis: vaak zijn er per waterschap maar een paar. Voor dijken bestaat daarvoor een landelijke voorziening, het Crisis Expert Team Waterkeringen (CET-W), dat Booltink coördineert. Zestig van de meest ervaren keringexperts, afkomstig van waterschappen, Rijkswaterstaat en Defensie, kunnen tijdens een crisis adviseren op de dijk of op kantoor. "Het eigen waterschap heeft misschien een expertisetekort, het overzicht niet helemaal, of er is een second opinion nodig. Dan kun je deze zestig mensen oproepen”, aldus Booltink.

Handboek Bijstand

Voor extra materieel en experts is er sinds de Limburgse overstroming van 2021 een Handboek Bijstand. Daarin zijn inmiddels ook afspraken met het Rode Kruis, Defensie en het bedrijfsleven verankerd. Dat laatste gebeurt via consortium ICA, waarin grote familie­bedrijven hun capaciteit beschikbaar stellen. Van Duuren is voorzitter van de Landelijke Werkgroep Bijstand die dit beheert. Een bijstandsaanvraag loopt via een piketdienst van de Unie van Waterschappen. Gemiddeld wordt het systeem twee keer per jaar gebruikt, onder meer voor internationale hulpvragen, zoals na de doorbraak van de Kachovka-dam in Oekraïne in 2023.

De verantwoordelijkheid voor weerbaarheid en crisisbeheersing ligt bij de 21 waterschappen zelf, benadrukt Van Duuren. Sinds de Kamerbrief over weerbaarheid van december 2024 staat het thema bestuurlijk hoog op de agenda. In april 2025 richtte de Unie van Waterschappen de commissie Crisisbeheersing en Integriteit op. Er is een landelijke themagroep Weerbaar­heid waarin projectleiders van alle waterschappen elke zes weken kennis delen, en er ligt sinds kort een bestuurlijk afgestemde definitie van weerbaarheid.

De juridische lat gaat omhoog. De Wet weerbaarheid kritieke entiteiten (Wwke), die de Europese CER-richtlijn omzet in nationaal recht, brengt voor waterschappen een risicoanalyse-, zorg- en meldplicht met zich mee. De Inspectie Leefomgeving en Transport krijgt een toetsende rol. Nederland is overigens al door de Europese Commissie voor het Hof van Justitie gedaagd omdat de omzetting niet op tijd rond was.

Oefenen op uitputting

Crisisoefeningen richten zich in Nederland vrijwel altijd op de eerste uren. Op meerweekse scenario's met uitputting en bestuurlijke vermoeidheid wordt landelijk niet structureel geoefend, stelt Van Duuren. Via de Visie Crisisbeheersing 2023–2030 van de Unie van Waterschappen, met zes speerpunten waaronder een expliciete koppeling tussen crisisbeheersing en weerbaarheid, wordt dit onderwerp nu opgepakt. Zijn waterschappen als crisisorganisatie ingericht op de dreigingen van morgen, of nog steeds primair op die van gisteren? Van Duuren: “Primair op die van gisteren. We zijn al 750 jaar goed in watermanagement. Maar nu zijn er nieuwe dreigingen waar wij ons op moeten voorbereiden.”
Prioriteren is daarbij volgens hem essentieel. “Het is evident dat landelijke koepelorganisaties, zoals de Unie van Waterschappen, een beperkte hoeveelheid mensen en middelen heeft. Bij mijn waterschap zeg ik altijd dat het bestuur de crisisorganisatie krijgt waar het om vraagt. Als het bestuur mij vraagt om met de helft van de capaciteit en het geld neer te zetten wat er nodig is, dan ga ik dat doen. Maar dan lever ik ook ongeveer de helft van wat er nodig is. Zo werkt het nu eenmaal, maar gelukkig is dat niet wat mijn bestuur vraagt.”

Artikel in het kort

  • Waterschappen bereiden zich steeds intensiever voor op langdurige crises, zoals wekenlang hoogwater, stroomuitval en cyberaanvallen, waarbij vooral capaciteit en uitputting grote aandachtspunten zijn.

  • Volgens Marian Booltink (HDSR) en Chris van Duuren (Unie van Waterschappen) is samenwerking tussen waterschappen, Defensie, veiligheidsregio’s en experts cruciaal om weerbaar te blijven.

  • Nieuwe wetgeving en dreigingen dwingen waterschappen om crisisorganisaties verder te professionaliseren, met meer aandacht voor kritieke infrastructuur, noodscenario’s en oefenen op langdurige inzet.

Hoe bouw je een crisisorganisatie op?

Eind 2023 stond Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden weken achter elkaar in crisisstand. Meer dan 150 medewerkers waren druk met crisisover­leggen, inspecties van de Lekdijk en het aanbrengen van noodmaatregelen. Achteraf bleek de noodsituatie eerder op een marathon dan een sprint. Maar dat was van tevoren niet voorzien. Waterschappen in Nederland oefenen zelden op crises die weken aanhouden, of op de vermoeidheid die daarbij komt kijken. Crisiscoördinator Marian Booltink (HDSR) en strategisch adviseur Chris van Duuren (Unie van Waterschappen) vertellen over capaciteit, nieuwe dreigingen en de achilleshiel van de Nederlandse crisisbeheersing.

Veel neerslag in Duitsland, een opstuwende westenwind en hoogwater dat dagenlang aanhield. Eind 2023 schaalde Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden op naar crisisstand. Meer dan 150 mensen waren in november en december 2023 en deels in januari 2024 in touw om de Lekdijk te inspecteren op wellen, schades en beverholen. De stabiliteit van de dijk kwam niet in gevaar, maar de waterschappers waren weken achter elkaar druk. “Achteraf realiseerden wij ons dat het een marathon was geweest”, zegt Marian Booltink, crisiscoördinator bij Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR) en thematrekker crisismanagement bij STOWA. “Maar op dat moment zit je er gewoon in en dan regel je wat er geregeld moet worden.”

Oefenen

Het Hoogheemraadschap probeert zich volgens Booltink zo goed mogelijk voor te bereiden. Zo oefent HDSR om het jaar meerdaags met Defensie. En in november 2025 gebeurde dat met het thema hoogwater in het regionale systeem. Tijdens oefening ‘Wolkbreuk’ viel er zogenaamd 200 mm neerslag over het hele beheergebied van HDSR. Het Hoogheemraadschap oefent dan graag samen met andere waterschappen, de Veiligheidsregio Utrecht, Defensie en andere netwerkpartners. De partijen bootsten de situatie na zoals die in 2021 in Zuid-Limburg ontstond, toen daar in korte tijd zoveel neerslag viel dat rivieren als de Geul buiten hun oevers traden en grote schade aanrichtten. Volgens Booltink weet HDSR dat zo’n grote hoeveelheid neerslag ook bij hen kan vallen. “Daarom is oefenen noodzakelijk.”

Crisisbeheersing XL

Waterschappen zijn vanuit de Omgevingswet verplicht om een crisisorga­nisatie op te tuigen, benadrukt Booltink. HDSR traint bijna zeshonderd van de achthonderd medewerkers die een grotere of kleinere rol kunnen spelen in de crisisorganisatie. Binnen HDSR heet dat Crisisbeheersing XL. “Zelfredzaamheid is het doel. En bij een crisis weten de mensen wat ze moeten doen.”
STOWA en de Unie van Waterschappen willen dit jaar samen laten onder­zoeken hoeveel capaciteit er nodig is wanneer een crisis een paar weken aanhoudt. “Hoeveel mensen en middelen zijn er nodig? We weten nu al dat er meer capaciteit noodzakelijk is, maar we willen beter weten waaraan nog behoefte is.”
Booltink ziet dat waterschappen onderling sterk samenwerken. “We proberen van elkaar te leren. De samenwerkingsbereidheid is enorm groot, omdat we allemaal dezelfde druk voelen. Als er in Limburg of elders iets aan de hand is, dan staan wij allemaal klaar om te helpen. Dat zit in ons DNA.”

Nieuwe dreigingen

HDSR probeert zich voor te bereiden op nieuwe dreigingen. Zo werden eerder al tientallen extra ICT’ers aangenomen om cyberaanvallen te pareren. Ook zijn de proces- en kantoorautomatisering van elkaar gescheiden om te voorkomen dat hackers via mailsystemen kunnen binnendringen. Dat geldt volgens haar ook voor andere waterschappen. Een weerbare crisisorganisatie heeft nu hoge prioriteit, stelt Booltink. Op 31 maart 2026 organiseerde het waterschap voor de medewerkers een speciale dag over weerbaarheid. Na presentaties over de urgentie en de veranderende wereld konden ze aan meerdere workshops deelnemen, bijvoorbeeld over hoe te handelen bij stroomuitval. “Dit illustreert hoe urgent wij het vinden om ons op noodsituaties voor te bereiden.  Met de cruciale mensen, de sleutelfunctionarissen in het veld en bij ons op kantoor, hebben we hele strakke afspraken gemaakt”, zegt Booltink. “Als de stroom is uitgevallen, weten de medewerkers die bij ons piketdienst hebben dat ze elke dag om 10.00 en om 15.00 uur op kantoor moeten zijn. Want dan kunnen we samen afspraken maken en onze primaire taken uitvoeren.”
HDSR bracht eveneens de kritieke assets in kaart om ze nog beter te kunnen beveiligen. “We kijken of de poorten en de beveiliging op orde zijn en zorgen dat er een sleutelplan is. Bewustwording, houding en gedrag van onze medewerkers spelen hierbij een cruciale rol.” Zo moeten de medewerkers leren hoe ze moeten handelen als er een drone boven een rwzi wordt gesignaleerd.

Langdurige stroomuitval

De overheid adviseert burgers ervoor te zorgen dat ze zich bij een crisis 72 uur zelf kunnen redden. Booltink benadrukt dat waterschappen dat ook moeten kunnen – en wellicht langer – ook als de stroom uitvalt. “Dat is mijn grootste zorg. Wij moeten het zelf doen en moeten dus weten welke kritieke assets, zoals sluizen, gemalen en inlaten er zijn en waar de noodstroom naartoe moet gaan.” Een verdringingsreeks, zoals bij droogte, zou hierbij volgens haar goed van pas komen.
STOWA zou kunnen laten onderzoeken hoe snel een polder onderloopt als de stroom uitvalt. “Bijvoorbeeld voor een doorsnee gebied met een standaard gemaal. Wij malen gemiddeld 15 mm per dag uit, dus bij een piekbui van 150 mm duurt het tien dagen om het water uit onze polders te malen.”

Symposium ‘Weerbaar tegen wateroverlast’

Op 17 september 2026 organiseert STOWA het symposium Weerbaar tegen wateroverlast, met crisiscoördinator Marian Booltink (HDSR) als één van de sprekers. Hoe bereiden we ons beter voor en welke inzichten helpen de impact daarvan te beperken? Samen gaan we in gesprek over opgaven, oplossingen en de stappen die nodig zijn om Nederland weerbaarder te maken tegen extreme neerslag. Kijk voor meer informatie en aanmelding op Symposium ‘Weerbaar tegen wateroverlast’ | STOWA.

Schaarse expertise

Chris van Duuren, strategisch adviseur crisisbeheersing bij Hoogheem­raad­schap van Schieland en de Krimpener­waard en deels gedetacheerd bij de Unie van Water­schap­pen, stelt dat Nederland nog niet zo goed is in strategisch plannen op capaciteit. “Dat geldt voor het Rijk, voor de veiligheids­regio's en voor ons. Het is de achilleshiel van de Nederlandse crisisbeheersing."

Bij langdurige crises wringt het extra rond schaarse expertise. Een kering­expert, een specialist proces­automa­tisering, een hydroloog met gebieds­kennis: vaak zijn er per waterschap maar een paar. Voor dijken bestaat daarvoor een landelijke voorziening, het Crisis Expert Team Waterkeringen (CET-W), dat Booltink coördineert. Zestig van de meest ervaren keringexperts, afkomstig van waterschappen, Rijkswaterstaat en Defensie, kunnen tijdens een crisis adviseren op de dijk of op kantoor. "Het eigen waterschap heeft misschien een expertisetekort, het overzicht niet helemaal, of er is een second opinion nodig. Dan kun je deze zestig mensen oproepen”, aldus Booltink.

Handboek Bijstand

Voor extra materieel en experts is er sinds de Limburgse overstroming van 2021 een Handboek Bijstand. Daarin zijn inmiddels ook afspraken met het Rode Kruis, Defensie en het bedrijfsleven verankerd. Dat laatste gebeurt via consortium ICA, waarin grote familie­bedrijven hun capaciteit beschikbaar stellen. Van Duuren is voorzitter van de Landelijke Werkgroep Bijstand die dit beheert. Een bijstandsaanvraag loopt via een piketdienst van de Unie van Waterschappen. Gemiddeld wordt het systeem twee keer per jaar gebruikt, onder meer voor internationale hulpvragen, zoals na de doorbraak van de Kachovka-dam in Oekraïne in 2023.

De verantwoordelijkheid voor weerbaarheid en crisisbeheersing ligt bij de 21 waterschappen zelf, benadrukt Van Duuren. Sinds de Kamerbrief over weerbaarheid van december 2024 staat het thema bestuurlijk hoog op de agenda. In april 2025 richtte de Unie van Waterschappen de commissie Crisisbeheersing en Integriteit op. Er is een landelijke themagroep Weerbaar­heid waarin projectleiders van alle waterschappen elke zes weken kennis delen, en er ligt sinds kort een bestuurlijk afgestemde definitie van weerbaarheid.

De juridische lat gaat omhoog. De Wet weerbaarheid kritieke entiteiten (Wwke), die de Europese CER-richtlijn omzet in nationaal recht, brengt voor waterschappen een risicoanalyse-, zorg- en meldplicht met zich mee. De Inspectie Leefomgeving en Transport krijgt een toetsende rol. Nederland is overigens al door de Europese Commissie voor het Hof van Justitie gedaagd omdat de omzetting niet op tijd rond was.

Artikel in het kort

  • Zo'n 150 van de ruim 300 Nederlandse rwzi's moeten de komende jaren ingrijpend worden gerenoveerd, terwijl ook het ondergrondse transportstelsel op veel plekken aan het einde van zijn levensduur is. Daar komen aangescherpte Europese eisen en duurzaamheidsambities bovenop.

  • Twaalf waterschapsdirecteuren werken in het Directeureninitiatief Waterketen samen om de uitvoe­rings­kracht te vergroten. Dat gebeurt via vijf paden: slimmer programmeren, kenniscapaciteit uitbreiden en delen, governance, strategie en beleid, standaar­dise­ren en uniformeren én uitbreiding van markt- en personeels­capa­citeit.

  • STOWA onderkent in de nieuwe strategienota het uitvoerings­probleem van de waterschappen en gaat ze ondersteunen om hun wateropgaven makkelijker te realiseren. Bijvoorbeeld via handreikingen voor prioritering van de rwzi-opgave, levensduur­verlen­ging en innovatie, zoals het continu korrelslibproces dat de capaciteit van bestaande rwzi's fors kan vergroten.

STOWA Publicaties

Hier vindt u de digitale uitgaven van STOWA waaronder het digitale magazine Ter Info.
Volledig scherm