Wat als …
de stroom op een rioolwaterzuivering uitvalt?
Drijvende drollen in de straat en dode vissen in de gracht. Dat is het doemscenario bij langdurige stroomuitval op een rioolwaterzuivering. De kans daarop neemt toe door drukte op het stroomnet en sabotagedreigingen. Calamiteitenplannen liggen klaar, maar een noodsituatie laat zich niet in detail uittekenen. De praktijk blijft de ultieme leerschool voor weerbaarheid. Zoals eind vorig jaar op de rwzi in Haps bij Waterschap Aa en Maas. “Iedereen gaat door op adrenaline.”
Wat als … de stroom op een rioolwaterzuivering uitvalt? Wat zijn de mogelijke gevolgen? Wat te doen om de impact zo klein mogelijk te houden en zo snel mogelijk weer up-and-running te zijn? Een complexe vraag, al is het maar omdat het veel uitmaakt of de stroom ‘slechts’ lokaal uitvalt, op het terrein van een rwzi, of ook in de omgeving.
In dit artikel focussen we op lokale uitval: één doorsnee biologische rwzi zit onverhoopt plots zonder stroom bijvoorbeeld door een technisch mankement, brand, een hack of sabotage. Zo was waterschap Aa en Maas eind november vorig jaar genoodzaakt om de stroom uit te schakelen op de rwzi van Haps (Land van Cuijk). Tijdens renovatiewerkzaamheden overstroomde ’s nachts het terrein en raakten stroomverdeelkasten onbruikbaar. Noodgedwongen liep het afvalwater bijna twee dagen ongezuiverd naar de nabijgelegen Maas.
Geen stroom, geen zuivering
Een rioolwaterzuivering die handmatig te bedienen is, bestaat niet. Een middelgrote zuivering gebruikt evenveel energie als een paar honderd huishoudens. De meeste elektriciteit gaat naar de beluchting. Een deel van de bacteriën in het slib dat de vervuiling afbreekt, heeft zuurstof nodig. Afhankelijk van temperatuur en vuilgraad kan actief slib een tijd stilstaan. Maar bij stroomuitval is een van de prioriteiten om menging en beluchting weer op te starten. Sterft het slib dan moet van elders slib worden aangevoerd.
De eerste paar uur zonder stroom is ook de toestroom van afvalwater op een rioolwaterzuivering nog vaak op te vangen met bijvoorbeeld de handmatige inzet van een calamiteitentank. Ook zit er altijd wat extra ruimte in het aanvoersysteem zelf. Maar wat als het giet? En er geen calamiteitentank aanwezig is? Dan is er nauwelijks buffercapaciteit, hoopt het afvalwater zich al snel op en zoekt een uitweg richting overstorten. Dan dreigt het rioolwater in straten of zelfs huizen te komen of kan het een kwetsbaar natuurgebied instromen.
Murphy’s law
Zo’n situatie deed zich in november 2025 voor bij de rwzi in Haps. De zuivering was (en is) in renovatie, met veel tijdelijke pompinstallaties (TPI). ’s Nachts stroomde water het terrein op en liep in de waterdichte kelderbunkers met de schakelkasten en procesaansturing, precies waar gaten waren geboord om kabels voor nieuwe apparatuur doorheen te trekken.
Sabrina Helmyr, Directeur Waterketen bij Aa en Maas: “Een samenloop van omstandigheden, echt Murphy’s law.” Toen de storing werd opgemerkt, waren al miljoenen liters afvalwater het terrein opgestroomd. Uit veiligheid is direct alle stroom uitgeschakeld, waardoor de rwzi een ‘dichte kraan’ werd in een vollopend rioolstelsel. En dat in een regenachtige periode.
Het was alle hens aan dek. Volgens het crisisbeheerplan werden binnen het waterschap crisisteams actief. Gemeente, Rijkswaterstaat en drinkwaterbedrijven Dunea en Vitens die benedenstrooms liggen werden ingelicht. De veiligheidsregio schaalde op en het waterschap bestelde tien noodaggregaten die tegen de avond paraat stonden om de benodigde stroom te leveren voor heropstart van de zuivering en redding van het slib.
Noodaggregaat
Op rwzi’s staan niet standaard back-upgeneratoren of -batterijen zoals bij ziekenhuizen. Dat vergt grote investeringen in aanschaf en onderhoud terwijl de kans erg klein is dat de noodvoorziening daadwerkelijk nodig is. Waterschap Rivierenland heeft een aantal eigen noodaggregaten, vertelt Stephan Uilenbroek, Adviseur crisisbeheersing Waterschap Rivierenland. “En met partners in de veiligheidsregio zijn afspraken gemaakt met specifieke leveranciers over beschikbaarheid. Maar bij een echte black-out heeft iedereen noodaggregaten nodig.”
De verdeling van de dan schaarse aggregaten verloopt dan volgens een soort verdringingsreeks waarbij mensenlevens en de volksgezondheid voorop staan. Ook hulpdiensten, noodlocaties en noodzenders staan hoog op die lijst. “Ook eigen aggregaten kunnen worden opgeëist in crisissituaties”, waarschuwt Helmyr.
Afhankelijkheid verkleinen
Tegelijkertijd kijken waterschappen naar alternatieve oplossingen, vertelt Helmyr. Zo verkennen ze de optie om samen grote batterijsystemen (vermogen 1-2 MW) in te kopen. Die kunnen kortdurende stroomuitval op een rwzi opvangen én helpen netcongestie te verminderen, wat een rendabele businesscase kan opleveren. Een verkennend onderzoek naar de mogelijkheden zou volgens Helmyr bij STOWA passen.
De stroomverdeelkasten in Haps waren onherstelbaar beschadigd. Met noodstroom en -apparatuur werd de rwzi zo snel mogelijk weer opgestart, maar tot die tijd moest het binnenkomende afvalwater ergens heen. 180 tankwagens per uur zouden nodig zijn geweest om het af te voeren. Ondoenlijk. Een medewerker herinnerde zich een oude, drie kilometer lange leiding naar de Maas vanaf de rwzi. De pijp, in de jaren zeventig aangelegd maar nooit gebruikt, bleek na opening intact en bruikbaar als ‘bypass’. Helmyr: “Een noodgreep, maar de beste optie onder de gegeven omstandigheden”. Zo stroomde het influent ruim zes uur na stroomafsluiting ongezuiverd via de bypass naar de Maas. Dat het grote volume van de Maas de gevolgen voor flora en fauna beperkte, blijkt bijvoorbeeld uit een incident in 2023 in De Bilt. Daar liep door een storing vijftig uur lang ongezuiverd afvalwater de veel kleinere Biltse Grift en later de Vecht in met grote vissterfte tot gevolg.
Geen pasklare oplossing
De bypass in Haps was geen oplossing uit een crisisbeheersplan. Mandy Bek, Adviseur Crisisbeheersing bij Waterschap Aa en Maas: “Je kunt niet voor elk mogelijk scenario een crisisbeheersingsplan uitschrijven. Er zijn te veel variabelen. Denk alleen al aan de weersomstandigheden of oorzaak van stroomuitval; elke crisis is uniek.”
Een crisisbeheersplan biedt dus nooit een pasklare oplossing. Je moet in crisissituaties altijd uitgaan van de actuele omstandigheden en leunen op expertise van vakmensen ter plekke. Wel is elk crisisbeheersplan toegespitst op de locatie. Het is een leidraad die voorkomt dat belangrijke zaken worden vergeten en zorgt dat de juiste mensen tijdig worden ingelicht.
Aa en Maas heeft voor elk van de zeven rwzi’s in het beheersgebied ook de overstorten in kaart gebracht die in werking treden wanneer het rioolstelsel vol raakt. Alle overstortlocaties kregen een label: groen, oranje of rood. Bij een groene locatie heeft overstort de minste gevolgen. Ze liggen niet in bewoond gebied en niet in waardevolle natuur. Collega-Adviseur crisisbeheersing Wouter van Rossum van Aa en Maas. “Die indeling helpt bij het maken van lastige keuzes en het stellen van prioriteiten.”
De afgelopen tien jaren zijn de calamiteitenplannen van waterschappen uitgebreid met nieuwe scenario’s, vertelt Van Rossum. Tot tien jaar geleden waren ze toegesneden op ‘klassieke’ watercrises zoals extreem hoog water en leidingbreuken. Inmiddels is er ook ruim aandacht voor grootschalige stroomuitval en (cyber)criminaliteit - oorzaken van ‘buitenaf’. Van Rossum: “Daar oefenen we ook veel op.” Zo oefende het waterschap vorige zomer op communicatie bij grootschalige stroomuitval. Helmyr: “Je merkt dat je in zo’n situatie beter kunt appen dan bellen en wanneer na een paar uur de zendmasten uitvallen, je moet overschakelen op noodtelefoons.”
‘Denk vooruit’
De storing in Haps trok veel aandacht en mediapubliciteit. Juist twee weken eerder had de overheid de campagne ‘Denk vooruit’ gelanceerd die burgers aanmoedigt zich voor te bereiden op 72 uur stroomuitval. Het team dat de crisiscommunicatie oppakte werd uitgebreid om alle vragen te beantwoorden zodat het operationele team zich op de technische oplossing kon concentreren.
Adviseur Bek: “We krijgen sinds ‘Haps’ ook veel verzoeken van waterschappen en crisisbeheersingsorganisaties om onze ervaringen te delen.” Dat doen de adviseurs van Aa en Maas graag. Van Rossum: “Waterschappen zijn allemaal zoekende op dit thema en nieuwsgierig wat ze kunnen leren. Maar we benadrukken dat de situatie in Haps echt anders was dan bij grootschalige stroomuitval gedurende 72 uur.”
Lessen
Heeft Aa en Maas belangrijke lessen geleerd? “Niet in de zin dat de crisisplannen moeten worden aangepast”, aldus Helmyr. Maar de crisis heeft wel geleid tot vervolgoverleggen en onderzoek. Van Rossum: “We bekijken de impact van een vergelijkbare situatie op de andere rwzi’s. Hoe kunnen we daar handelen?” Een andere les is dat een noodsituatie veel van je team vraagt, benadrukt Helmyr. “We zaten al in een renovatie, het heeft ongeveer 1500 uur aan extra inzet gekost. Iedereen gaat in zo’n crisis door op adrenaline, maar je moet goed oog houden voor je mensen, voor hun eigen weerbaarheid, en ook personele nazorg organiseren.”
Publieksoproep heeft effect
Hoe minder water huishoudens gebruiken, hoe minder water een rioolwaterzuivering moet verwerken. Aa en Maas riep daarom inwoners en bedrijven van Land van Cuijk op zuinig te zijn met water zodat zo min mogelijk ongezuiverd afvalwater in de Maas terecht zou komen. Het leidde tot een afname van 10-20 procent in aanvoer. De oproep werd verspreid via de media, sociale media en Brabant Alert. Een NL-Alert heeft een veel groter bereik maar wordt alleen gegeven bij gevaar voor de volksgezondheid.
Artikel in het kort
Zonder elektriciteit vallen essentiële processen stil op een rioolwaterzuivering
Rioolwaterzuiveringen hebben niet standaard noodaggregaten die een storing kunnen opvangen
Het afvalwater dreigt via overstorten ongezuiverd in het oppervlaktewater te komen met vissterfte en milieuvervuiling tot gevolg
Waterschappen zijn voorbereid via calamiteitenplannen, maar elke situatie is uniek en vraagt om maatwerk door experts ter plaatse
Bij langdurige stroomuitval op de rwzi van waterschap Aa en Maas in Haps eind 2025 werd een nood-bypass naar de Maas ingezet
Nooit meer iets missen? Meld je dan aan voor de notificatie van ons digitale magazine via www.stowa.nl/aanmeldenmagazine
Wat als …
de stroom op een rioolwaterzuivering uitvalt?
Drijvende drollen in de straat en dode vissen in de gracht. Dat is het doemscenario bij langdurige stroomuitval op een rioolwaterzuivering. De kans daarop neemt toe door drukte op het stroomnet en sabotagedreigingen. Calamiteitenplannen liggen klaar, maar een noodsituatie laat zich niet in detail uittekenen. De praktijk blijft de ultieme leerschool voor weerbaarheid. Zoals eind vorig jaar op de rwzi in Haps bij Waterschap Aa en Maas. “Iedereen gaat door op adrenaline.”
Wat als … de stroom op een rioolwaterzuivering uitvalt? Wat zijn de mogelijke gevolgen? Wat te doen om de impact zo klein mogelijk te houden en zo snel mogelijk weer up-and-running te zijn? Een complexe vraag, al is het maar omdat het veel uitmaakt of de stroom ‘slechts’ lokaal uitvalt, op het terrein van een rwzi, of ook in de omgeving.
In dit artikel focussen we op lokale uitval: één doorsnee biologische rwzi zit onverhoopt plots zonder stroom bijvoorbeeld door een technisch mankement, brand, een hack of sabotage. Zo was waterschap Aa en Maas eind november vorig jaar genoodzaakt om de stroom uit te schakelen op de rwzi van Haps (Land van Cuijk). Tijdens renovatiewerkzaamheden overstroomde ’s nachts het terrein en raakten stroomverdeelkasten onbruikbaar. Noodgedwongen liep het afvalwater bijna twee dagen ongezuiverd naar de nabijgelegen Maas.
Artikel in het kort
Geen stroom, geen zuivering
Een rioolwaterzuivering die handmatig te bedienen is, bestaat niet. Een middelgrote zuivering gebruikt evenveel energie als een paar honderd huishoudens. De meeste elektriciteit gaat naar de beluchting. Een deel van de bacteriën in het slib dat de vervuiling afbreekt, heeft zuurstof nodig. Afhankelijk van temperatuur en vuilgraad kan actief slib een tijd stilstaan. Maar bij stroomuitval is een van de prioriteiten om menging en beluchting weer op te starten. Sterft het slib dan moet van elders slib worden aangevoerd.
De eerste paar uur zonder stroom is ook de toestroom van afvalwater op een rioolwaterzuivering nog vaak op te vangen met bijvoorbeeld de handmatige inzet van een calamiteitentank. Ook zit er altijd wat extra ruimte in het aanvoersysteem zelf. Maar wat als het giet? En er geen calamiteitentank aanwezig is? Dan is er nauwelijks buffercapaciteit, hoopt het afvalwater zich al snel op en zoekt een uitweg richting overstorten. Dan dreigt het rioolwater in straten of zelfs huizen te komen of kan het een kwetsbaar natuurgebied instromen.
Murphy’s law
Zo’n situatie deed zich in november 2025 voor bij de rwzi in Haps. De zuivering was (en is) in renovatie, met veel tijdelijke pompinstallaties (TPI). ’s Nachts stroomde water het terrein op en liep in de waterdichte kelderbunkers met de schakelkasten en procesaansturing, precies waar gaten waren geboord om kabels voor nieuwe apparatuur doorheen te trekken.
Sabrina Helmyr, Directeur Waterketen bij Aa en Maas: “Een samenloop van omstandigheden, echt Murphy’s law.” Toen de storing werd opgemerkt, waren al miljoenen liters afvalwater het terrein opgestroomd. Uit veiligheid is direct alle stroom uitgeschakeld, waardoor de rwzi een ‘dichte kraan’ werd in een vollopend rioolstelsel. En dat in een regenachtige periode.
Het was alle hens aan dek. Volgens het crisisbeheerplan werden binnen het waterschap crisisteams actief. Gemeente, Rijkswaterstaat en drinkwaterbedrijven Dunea en Vitens die benedenstrooms liggen werden ingelicht. De veiligheidsregio schaalde op en het waterschap bestelde tien noodaggregaten die tegen de avond paraat stonden om de benodigde stroom te leveren voor heropstart van de zuivering en redding van het slib.
Noodaggregaat
Op rwzi’s staan niet standaard back-upgeneratoren of -batterijen zoals bij ziekenhuizen. Dat vergt grote investeringen in aanschaf en onderhoud terwijl de kans erg klein is dat de noodvoorziening daadwerkelijk nodig is. Waterschap Rivierenland heeft een aantal eigen noodaggregaten, vertelt Stephan Uilenbroek, Adviseur crisisbeheersing Waterschap Rivierenland. “En met partners in de veiligheidsregio zijn afspraken gemaakt met specifieke leveranciers over beschikbaarheid. Maar bij een echte black-out heeft iedereen noodaggregaten nodig.”
De verdeling van de dan schaarse aggregaten verloopt dan volgens een soort verdringingsreeks waarbij mensenlevens en de volksgezondheid voorop staan. Ook hulpdiensten, noodlocaties en noodzenders staan hoog op die lijst. “Ook eigen aggregaten kunnen worden opgeëist in crisissituaties”, waarschuwt Helmyr.
Afhankelijkheid verkleinen
Tegelijkertijd kijken waterschappen naar alternatieve oplossingen, vertelt Helmyr. Zo verkennen ze de optie om samen grote batterijsystemen (vermogen 1-2 MW) in te kopen. Die kunnen kortdurende stroomuitval op een rwzi opvangen én helpen netcongestie te verminderen, wat een rendabele businesscase kan opleveren. Een verkennend onderzoek naar de mogelijkheden zou volgens Helmyr bij STOWA passen.
De stroomverdeelkasten in Haps waren onherstelbaar beschadigd. Met noodstroom en -apparatuur werd de rwzi zo snel mogelijk weer opgestart, maar tot die tijd moest het binnenkomende afvalwater ergens heen. 180 tankwagens per uur zouden nodig zijn geweest om het af te voeren. Ondoenlijk. Een medewerker herinnerde zich een oude, drie kilometer lange leiding naar de Maas vanaf de rwzi. De pijp, in de jaren zeventig aangelegd maar nooit gebruikt, bleek na opening intact en bruikbaar als ‘bypass’. Helmyr: “Een noodgreep, maar de beste optie onder de gegeven omstandigheden”. Zo stroomde het influent ruim zes uur na stroomafsluiting ongezuiverd via de bypass naar de Maas. Dat het grote volume van de Maas de gevolgen voor flora en fauna beperkte, blijkt bijvoorbeeld uit een incident in 2023 in De Bilt. Daar liep door een storing vijftig uur lang ongezuiverd afvalwater de veel kleinere Biltse Grift en later de Vecht in met grote vissterfte tot gevolg.
Geen pasklare oplossing
De bypass in Haps was geen oplossing uit een crisisbeheersplan. Mandy Bek, Adviseur Crisisbeheersing bij Waterschap Aa en Maas: “Je kunt niet voor elk mogelijk scenario een crisisbeheersingsplan uitschrijven. Er zijn te veel variabelen. Denk alleen al aan de weersomstandigheden of oorzaak van stroomuitval; elke crisis is uniek.”
Een crisisbeheersplan biedt dus nooit een pasklare oplossing. Je moet in crisissituaties altijd uitgaan van de actuele omstandigheden en leunen op expertise van vakmensen ter plekke. Wel is elk crisisbeheersplan toegespitst op de locatie. Het is een leidraad die voorkomt dat belangrijke zaken worden vergeten en zorgt dat de juiste mensen tijdig worden ingelicht.
Aa en Maas heeft voor elk van de zeven rwzi’s in het beheersgebied ook de overstorten in kaart gebracht die in werking treden wanneer het rioolstelsel vol raakt. Alle overstortlocaties kregen een label: groen, oranje of rood. Bij een groene locatie heeft overstort de minste gevolgen. Ze liggen niet in bewoond gebied en niet in waardevolle natuur. Collega-Adviseur crisisbeheersing Wouter van Rossum van Aa en Maas. “Die indeling helpt bij het maken van lastige keuzes en het stellen van prioriteiten.”
De afgelopen tien jaren zijn de calamiteitenplannen van waterschappen uitgebreid met nieuwe scenario’s, vertelt Van Rossum. Tot tien jaar geleden waren ze toegesneden op ‘klassieke’ watercrises zoals extreem hoog water en leidingbreuken. Inmiddels is er ook ruim aandacht voor grootschalige stroomuitval en (cyber)criminaliteit - oorzaken van ‘buitenaf’. Van Rossum: “Daar oefenen we ook veel op.” Zo oefende het waterschap vorige zomer op communicatie bij grootschalige stroomuitval. Helmyr: “Je merkt dat je in zo’n situatie beter kunt appen dan bellen en wanneer na een paar uur de zendmasten uitvallen, je moet overschakelen op noodtelefoons.”
‘Denk vooruit’
De storing in Haps trok veel aandacht en mediapubliciteit. Juist twee weken eerder had de overheid de campagne ‘Denk vooruit’ gelanceerd die burgers aanmoedigt zich voor te bereiden op 72 uur stroomuitval. Het team dat de crisiscommunicatie oppakte werd uitgebreid om alle vragen te beantwoorden zodat het operationele team zich op de technische oplossing kon concentreren.
Adviseur Bek: “We krijgen sinds ‘Haps’ ook veel verzoeken van waterschappen en crisisbeheersingsorganisaties om onze ervaringen te delen.” Dat doen de adviseurs van Aa en Maas graag. Van Rossum: “Waterschappen zijn allemaal zoekende op dit thema en nieuwsgierig wat ze kunnen leren. Maar we benadrukken dat de situatie in Haps echt anders was dan bij grootschalige stroomuitval gedurende 72 uur.”
Lessen
Heeft Aa en Maas belangrijke lessen geleerd? “Niet in de zin dat de crisisplannen moeten worden aangepast”, aldus Helmyr. Maar de crisis heeft wel geleid tot vervolgoverleggen en onderzoek. Van Rossum: “We bekijken de impact van een vergelijkbare situatie op de andere rwzi’s. Hoe kunnen we daar handelen?” Een andere les is dat een noodsituatie veel van je team vraagt, benadrukt Helmyr. “We zaten al in een renovatie, het heeft ongeveer 1500 uur aan extra inzet gekost. Iedereen gaat in zo’n crisis door op adrenaline, maar je moet goed oog houden voor je mensen, voor hun eigen weerbaarheid, en ook personele nazorg organiseren.”
Publieksoproep heeft effect
Hoe minder water huishoudens gebruiken, hoe minder water een rioolwaterzuivering moet verwerken. Aa en Maas riep daarom inwoners en bedrijven van Land van Cuijk op zuinig te zijn met water zodat zo min mogelijk ongezuiverd afvalwater in de Maas terecht zou komen. Het leidde tot een afname van 10-20 procent in aanvoer. De oproep werd verspreid via de media, sociale media en Brabant Alert. Een NL-Alert heeft een veel groter bereik maar wordt alleen gegeven bij gevaar voor de volksgezondheid.
Artikel in het kort
Zonder elektriciteit vallen essentiële processen stil op een rioolwaterzuivering
Rioolwaterzuiveringen hebben niet standaard noodaggregaten die een storing kunnen opvangen
Het afvalwater dreigt via overstorten ongezuiverd in het oppervlaktewater te komen met vissterfte en milieuvervuiling tot gevolg
Waterschappen zijn voorbereid via calamiteitenplannen, maar elke situatie is uniek en vraagt om maatwerk door experts ter plaatse
Bij langdurige stroomuitval op de rwzi van waterschap Aa en Maas in Haps eind 2025 werd een nood-bypass naar de Maas ingezet
Nooit meer iets missen? Meld je dan aan voor de notificatie van ons digitale magazine via www.stowa.nl/aanmeldenmagazine